maandag, februari 16, 2009

De Vlinder

'Op een keer droomde Zhuang Zhou dat hij een vlinder was.
Hij voelde zich tevreden met zichzelf en ging er volkomen in op een vlinder te zijn; Hij wist niet dat hij Zhuang Zhou was. Plots ontwaakte hij en was hij onmiskenbaar Zhuang Zhou, uitgestrekt op zijn bed.
Maar hij wist niet of hij Zhuang Zou was die gedroomd had een vlinder te zijn, of een vlinder die gedroomd had Zhuang Zhou te zijn.'
Uit De Vlinder:
( Een bekende passage uit de Zhuagzi, een van de grondteksten van het daoïsme)

vrijdag, januari 23, 2009

Dit is mijn dag

Vanochtend werd ik wakker in een droom
van iemand die een huid van vlees bewoont.

Ik kon niet vluchten, ik was geen Tsjwang Tse
die had gedroomd dat hij een vlinder was

en zich bij ochtendlicht afvroeg of hij,
Tsjwang Tse, gedroomd had een vlinder te zijn

of dat de vlinder droomde als Tsjwang Tse
te ontwaken, nee, ik was een mens,

een taai skelet met tweeëndertig tanden,
twee handen en een tragisch intellect

dat met een angst voor klokken was behept.
Maar langzaam, bijna heilig, stond ik op,

gaf mijn gezicht een hand en ritste mijn
gedachten dicht. Dit is mijn dag, wist ik.

Hier lonkt een spiegel naar verwonderd licht.
Daar breekt een vlinder uit. En dat ben ik.

(Menno Wigman)

zondag, november 30, 2008

Sakis Ioannidis, 23.02.1944 - 28.11.2008

Bedankt voor je kracht, liefde en optimisme.
Bijzondere mensen sterven niet. Zij gaan wel, maar blijven toch voor altijd.
Zoals in je naam besloten, Athanassios, de onsterfelijke.

Dag lieve schoonpapa.
We zullen het nu verder zonder jou moeten doen.

zaterdag, oktober 25, 2008

Opgravingen in Amsterdam



Door mijn metaaldetector hobby heb ik nu tevens een boekenplank met allerlei hobbygerelateerde boeken, zoals deze parel. Een heerlijk boek voor determinatie. M. begrijpt niet zo goed dat ik graag wil weten dat er aan een gevonden muurhaak driehonderd jaar geleden een kip heeft gehangen...Nu, middels dit boek kan ik exact uitvogelen of die kip daar driehonderd jaar terug aan hing, of zeker vijftig jaar daarvóór!
En dat de opgegraven schoengesp honderd jaar geleden aan iemands schoen vastzat, of vierhonderd jaar geleden. Dat is me nogal een verschil.

zaterdag, oktober 18, 2008

Holysloot

De metaaldetectorverslaving heeft haast obsessionele proporties bereikt. Lag het aan mij dan stond ik elke weekend op een akker in de grond te wroeten. Mijn enthousiaste verhalen over mijn zoekavonturen kan ik om me heen niet kwijt. Mijn collega's zijn allemaal uiterst modieuze dames, met mooi gelakte nagels en haar dat bij de kapper geföhnd wordt. Op maandagochtend klinkt de standaardvraag: "wat heb jíj dit weekend gedaan?". De één is uitgegaan tot 6 uur in de ochtend, de ander heeft een stedentrip ondernomen of Desperate Housewives gekeken.
En ik? Ik heb op een akker gestaan met een koptelefoon op mijn hoofd, klei onder mijn nagels en regenlaarzen tot aan mijn liezen.

Vorige week ging ik met een medezoeker (er bestaan geheime genootschappen waar we elkaar kunnen ontmoeten) naar Holysloot. Ja, ik had er ook nog nooit van gehoord.
Veel was er niet te beleven. We zijn van deur tot deur gegaan als predikanten, maar dan met de vraag: "Heeft U land?". De meeste mensen keken ons aan alsof ze water zagen branden.
Iedereen waarschuwde ons voor boer Bakker. De schrik van het dorp. Dáár moesten we het zeker niet gaan proberen, die zou aan hooivorken spietsen, ofzo. Iemand anders zei: "Nee, ik heb geen land maar wel een tuin!", en voor ik het goed en wel doorhad stonden we zijn tuintje van 2 bij 2 meter om te spitten. Drie nieuwsgierige kippen om ons heen en de tuineigenaar die maar riep: "tjonge jonge jonge wat een apparaten. Dat ze die dingen maken. Je mag ook de voortuin in hóór!"
Uiteindelijk belandden we op een weiland waar ooit een boerderij had gestaan. De boer vertelde ons niet dat die boerderij geheel uit metaal had bestaan en blijkbaar de grond in was getrilt. Wát een meuk. Mijn topvondst van de dag was een gaspit.

Nee, Holysloot is niet voor herhaling vatbaar.

Maar dat is nu ook wel weer het charmante van deze hobby. Het is niet altijd prijs, je moet een beetje lef hebben en de meeste mensen vinden je uitzonderlijk raar, maar aan de andere kant vind je op de meest onwaarschijnlijke locaties Middeleeuwse voorwerpen en is het wachten tot de volgende piep razend spannend.

Onlangs verbleef ik drie weken op Kreta, zonder man of detector (maar wel weer met mijn neus in de boeken). De muizen ingeruild voor kakkerlakken en de regen voor de Griekse hitte.
Na enkele weken van spannende verhalen en doorbraakte nachten met mijn girlfriends in vage bardancings ben ik nu weer terug in mijn Amsterdamse leventje.
Bovenal had ik mijn kerel en mijn metaaldetector gemist.

Raar mens ben ik toch.